donderdag 28 april 2016

IJslanderwedstrijden #4: de opbouw van een wedstrijd

Naar aanleiding van de verslagen over de EnglastadirIndoor Competitie en Ice Horse, rezen er enkele vragen bij de lezers van deze blog. Het wedstrijdsysteem van de IJslandersport blijkt namelijk nog niet zo vanzelfsprekend als je er niet bekend mee bent. Daar besloten wij iets aan te doen en daarom kon je hier de afgelopen paar weken al lezen over de verschillende proeven, de klassenindeling en de jurering binnen de IJslandersport.
Deze keer het vierde en laatste deel: de opbouw van een IJslanderwedstrijd.


De selectie

Elke gangenproef begint met de selectie. In de sport D, C en B wordt deze verreden in kleine groepjes op de baan. De ruiters krijgen allemaal een gekleurde band om de arm of cap, die helpt de verschillende combinaties uit elkaar te houden.
In de sport A rijdt men een soloproef, waarbij je je eigen muziek mee mag nemen. De jury geeft hier alleen op het eind het gemiddelde cijfer – berekend over alle onderdelen – waarmee zij de combinatie beoordeeld hebben. De afzonderlijke cijfers van de 3 tot 5 juryleden worden dan weer gemiddeld en dit levert dan een eindcijfer. Dit eindcijfer bepaalt op welke plaats een combinatie eindigt na de selectie.

Bernette en Grýla in de selectie van de T7. Omdat deze proef
op twee handen gerden wordt, draagt Bernette hier twee banden.
(Sunnanvindur Outdoor, Langegracht 2015)

De finales

Een wedstrijdorganisatie mag zelf bepalen of ze finales uitschrijven. Wanneer zij geen finales uitschrijven, wordt de uitslag bepaald aan de hand van de selectie.

De B-finale

Wanneer een wedstrijdorganisatie besluit finales uit te schrijven, mogen de nummers 6 tot en met 10 (soms 11) uit de selectie opnieuw tegen elkaar rijden in de zogeheten B-finale. Alle ruiters van de B-finale komen tegelijk in de baan en voeren tegelijk de proef uit. Hierin wordt de gehele proef herhaald, waarbij na elk apart onderdeel de cijfers van de jury getoond worden. Degene die gemiddeld het beste is van deze finale, mag door naar de A-finale.

De A-finale

In de A-finale starten dan de zes beste ruiters van die dag in die specifieke proef. Zij rijden opnieuw hun proef. Ook zij moeten nu met zes (of, in het geval van ex aequo’s, met meer) in de baan rijden. Net als in de B-finale, krijgen deze combinaties direct na ieder onderdeel een cijfer van de jury voor dat onderdeel. Aan het eind van de finale bepaalt het gemiddelde over alle onderdelen het eindcijfer. Degene met het hoogste eindcijfer wint de proef.

Van nummer 10 naar nummer 1

Het kan uiteindelijk zo zijn, dat degene die op plaats 10 eindigde in de selectie, zich in de B-finale weet te verbeteren en dan de beste wordt in de B-finale. Diegene mag dan dus in de A-finale starten, waar het zelfs wel eens voorkomt dat deze combinatie alsnog eerste wordt. In de finales tellen de resultaten van de selectie of van de finale daarvoor, niet mee voor het eindresultaat. In de finales start iedereen dus weer met een schone lei.

De telgangraces

Terwijl de telgangproeven de algemene opbouw zoals hierboven beschreven aanhouden, gaat het in de races er vaak iets anders aan toe.

In eerste instantie rijdt iedereen – individueel of in tweetallen, afhankelijk van het type race – een zogeheten doorgang, waarbij de tijd gemeten wordt. Dan wordt aan de hand van de tijden, een nieuwe startvolgorde opgesteld. Degenen die geen geldige doorgang hadden (bijvoorbeeld wanneer het paard galoppeert in plaats van telgangt) moeten nu als eerste starten. Dan komen de combinaties met de langzaamste tijd. De snelste combinatie start als allerlaatste.

De snelste tijd (ongeacht in welke doorgang gereden) wint de race. Wanneer er twee (of meer) combinaties op precies dezelfde tijd binnenkomen, wordt er gekeken naar de tijd van de andere doorgang. Dus als ruiter A in de eerste doorgang in 8,57 seconden over de finish zou komen en in de tweede doorgang in 8,11 seconden en ruiter B zou in de eerste doorgang 8,11 rijden en in de tweede doorgang 8,32, dan wint ruiter B, omdat zijn tweede tijd sneller is dan die van ruiter A.

Een telgangrace over het ijs. (Ice Horse 2016)

Spannende wedstrijden...

Door de opbouw in finales voor de gangenproeven en verschillende doorgangen bij de telgangraces, zijn IJslanderwedstrijden vaak tot op het laatst super spannend. Vooral in de finales van grotere wedstrijden, waar de deelnemers alles op alles zetten om die eerste plaats te bemachtigen, is de spanning soms om te snijden. In tegenstelling tot de dressuursport vinden de meeste combinaties het geen enkel probleem als zij aangemoedigd worden. Het publiek laat zich dan ook regelmatig horen wanneer er een echte topper voorbij komt. IJslands vuur verwarmt zo vele harten en de wedstrijden zijn dan ook veelal een genot om naar te kijken.

Wij hopen je met deze vier posts een kijkje gegeven te hebben in de IJslandersport. Als je nog vragen hebt, stel ze gerust; wij beantwoorden ze graag!




2 opmerkingen:

  1. Leuk om uitgebreid te lezen wat IJslanderwedstrijden precies inhouden. Ik heb geen IJsje maar wel op IJsjes gereden. Echt een vak apart binnen de paarden, de gangenpaarden. Het enthousiasme spat van de foto!

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dankjewel! En inderdaad, de gangenpaarden zijn echt een andere tak van sport ;)

      Verwijderen